Haatspraak, een aanslag op de rechten van de mens?

Artikel
Auteur(s): 
Piet De Bruyn (N-VA)
Petra De Sutter (Groen)

68 jaar geleden, op 10 december 1948, nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens aan. Hoewel we de daarin geformuleerde rechten als evidenties beschouwen, staan ze onder druk.

Niet meer deelnemen aan publiek debat?

Sociale media openen een bijna eindeloze wereld aan mogelijkheden en positieve contacten. Maar de deur staat ook wagenwijd open voor beledigingen, haat en boosheid. Groepen die vaak haatspraak over zich heen krijgen - bv. omwille van hun huidskleur, uiterlijk, geaardheid of intelligentie - merken dat de constante stroom aan negatieve berichten hun manier van denken en doen beïnvloed. Ze durven niet meer deelnemen aan het openbaar debat, ze durven zich niet openlijk te tonen als wie ze zijn. Kortom, haatspraak beperkt dus de mensenrechten.

Jongeren op zoek naar een identiteit

Jongeren zijn volop op zoek naar hun eigen identiteit en net daarom zijn ze - misschien meer dan volwassenen - kwetsbaar voor haatspraak. Omdat ze talrijk en haast continu aanwezig zijn op sociale media zorgt ervoor dat de deur voor negatieve boodschappen steeds op een kier staat. Er zijn jongeren die eronder door gingen, die alle geloof in zichzelf verliezen en soms zelfs de wil om te leven na een stroom van negatieve berichten over hen als persoon of omwille van hun huidskleur, uiterlijk, geaardheid of intelligentie…

Elke uitspraak die mensen doelbewust raakt in hun integriteit is een aanslag op de rechten van de mens. Elke jongere die door haatspraak de moed verliest is er een te veel.

Jongeren wapenen tegen haatspraak

Daarom werd in de schoot van de Raad van Europa, waar we beiden lid van zijn, een wereldwijde campagne opgestart die de strijd aanbindt met online haatspraak. ‘No Hate’ wil jongeren wapenen tegen haatspraak, hen erop leren reageren, hen versterken zodat ze er niet door onderuit gehaald worden. Vandaag wordt de Vlaamse versie van ‘No Hate’ gelanceerd. Niet toevallig gebeurt dat in Kazerne Dossin. Een memoriaal en museum dat herinnert aan wat haatspraak, het stigmatiseren en het doelbewust viseren van een bevolkingsgroep voor gevolg kan hebben. Kazerne Dossin toont hoe haatspraak er 70 jaar geleden uitzag in cartoons, spotprenten en andere waarschuwende boodschappen.

Vandaag neemt haatspraak heel andere vormen aan. Met jammer genoeg ook desastreuze gevolgen. Het is vandaag immers o zo gemakkelijk om haatdragende boodschappen breed de wereld in te sturen of individuen er knalhard mee te raken. Sociale media hebben de drempel hiervoor drastisch verlaagd. Iemand in het gezicht beledigen is niet iets wat je gauw doet, maar via sociale media is er voldoende afstand. Mits een beetje handigheid, maak je een anoniem profiel aan en valt zelfs nooit te achterhalen wie de dader is. Door de alomtegenwoordigheid van sociale media is er voor het slachtoffer geen ontkomen aan.

Samen verantwoordelijk

Met ‘No Hate’ slaan de Raad van Europa, de Vlaamse overheid en sociaal-culturele en jeugdorganisaties - gesteund door een groeiende lijst van o.a. scholen, onderwijskoepels en sportverenigingen - de handen in elkaar tegen online haatspraak. Ook politici willen deze boodschap kracht bijzetten, niet enkel omdat ze zelf regelmatig haatspraak geconfronteerd worden maar vooral om jongeren ondersteunen. We zijn met ons allen verantwoordelijk voor het klimaat op Facebook, Instagram, Snapchat, en consorten. Daarom moeten we samen een vuist maken tegen haatspraak.

Lees meer over